Het ontvangen van de H. Communie is een wezenlijk onderdeel van de viering van de Eucharistie. Hoewel deze twee niet los van elkaar kunnen worden gezien, is het al sinds de eerste eeuwen gebruik om ook buiten de Eucharistieviering de H. Communie uit te delen. Hierbij gaat het vooral om hen die niet in staat zijn naar de kerk te komen.

De heilige Communie bij iemand thuis brengen

Zieke of aan huis gebonden personen zijn minstens zozeer een bouwsteen van de Kerk als degenen die wel naar de kerk kunnen komen. Zij horen bij de vierende gemeenschap. Als iemand dus de Communie uit de Eucharistieviering meeneemt naar iemand thuis, is dat namens de hele gemeenschap en wordt de viering als het ware thuis voortgezet.

Daarom zou de thuiscommunie liefst moeten aansluiten bij de viering in de kerk. Idealiter wordt het Sacrament van het altaar in de kerk rechtstreeks naar een ‘rustaltaar’ bij de betreffende persoon thuis vervoerd: naar een kastje of een tafeltje met een wit kleedje, een kruisje en zo mogelijk twee brandende kaarsjes. Nadat het daar is geplaatst, krijgen – net als in de kerk – eerst het Woord en het gebed een plaats. Er is een handige gebedskaart met een goede, korte tekst voor de thuiscommunie beschikbaar. Hierop staan een gebed om ontferming, een Bijbeltekst, het Onze Vader en een zegenbede. Deze kaart is bij de leden van het pastoraal team te verkrijgen. Daarnaast kunnen zij u voor een klein bedrag een vergulde pyxis bezorgen. Bij hen kunt u de pyxis ook laten zegenen.

Het Sacrament moet in één beweging worden vervoerd, en niet tijdens de koffie in een jaszak blijven zitten. Daarom is het goed, de pyxis (voorzien van een naamplaatje op de onderkant) vóór de viering op het altaar te leggen, deze tijdens de viering door de priester te laten vullen (als u meer hosties nodig heeft, kunt u dit kenbaar maken door een briefje met het aantal) en pas bij het verlaten van de kerk van het altaar weg te nemen. Het mooiste is, om éérst in een klein ritueel de Communie uit te reiken, daarna een korte stilte te houden en dan pas een gesprekje te hebben.

Pastoor Bakker, kapelaan Huntjens en diaken Tolsma brengen één keer per maand op een vaste dag de
H. Communie aan parochianen die zich daarvoor opgeven. Dit is mogelijk via de parochiebureaus.